Hoorde Fischer op 19 april 2008 nog dat het management voor 100% achter haar stond, op maandag 21 april werd zij per direct op non actief gesteld. Fischer had een medewerker aangesproken op het bieden van ontspoorde zorg. Deze had op haar beurt in een brief, gericht aan de directie, geschreven dat zij zich door het gesprek met Fischer in haar integriteit voelde aangetast. De brief van die medewerker lag volgens de directeur ten grondslag aan het ontslag. “Ik begrijp nog steeds niet waarom voor deze handelingswijze werd gekozen. Ik handelde naar eer en geweten en heb juist geprobeerd om misstanden aan te pakken. Opeens voldeed ik niet aan de verwachtingen die er blijkbaar waren. Vreemd, want tot op dat moment had ik vanuit het management geen signalen ontvangen dat ik niet zou voldoen aan de eisen die voor de functie van afdelingshoofd gelden. In de maanden dat ik werkzaam ben geweest voor Huis in de Duinen is er nooit sprake geweest van een functionerings- of beoordelingsgesprek. Op 21 april werd ik op non-actief geplaatst zonder enige vorm van wederhoor. Een brief van drie regels bleek voldoende reden te zijn om mij met ontslag te sturen. Nadat ik dat juridisch aanvocht, heeft Mulder de ontslagreden teruggebracht naar ‘verschillen in inzicht’ anders dan wat hij nu steeds zegt in de media.” Op 23 april 2008 solliciteerde Fischer naar een vergelijkbare functie op een verpleegafdeling bij een andere zorginstelling, waar zij sinds kort van start is gegaan. Agema voegt daaraan toe:” Ze had de deur gewoon achter zich kunnen dichttrekken en kunnen doorgaan met haar leven.” Fischer: “Ik zou mezelf niet meer in de spiegel kunnen aankijken als ik dat zou doen. Wetend dat er zaken niet kloppen in de zorgverlening aan bewoners voel ik mijzelf moreel verplicht om dit openbaar te maken.”
Fischer werd in februari 2008 geïnformeerd door de zorgmanager van Huis in de Duinen over het feit dat een medewerker van de Branding bij de zorgmanager melding had gedaan over laakbaar handelen van drie collega’s. De melding betrof collega’s die voornamelijk in de avonddienst en de weekeinden, op momenten dat leiding ontbrak, de bewoners grensoverschrijdend benaderden.
Fischer: “Ik kreeg van de zorgmanager niet te horen wie van mijn medewerkers de melding op schrift had gesteld naar haar toe. Ik vond dat moeilijk omdat een van mijn medewerkers zich kennelijk niet veilig genoeg voelde om naar mij persoonlijk toe te komen. Op mijn vraag aan de zorgmanager wat zij precies van mij verwachtte gebood zij mij de zaak maar te laten rusten.”
Was de melding van één medewerker aanleiding om Fischer te ontslaan?
De drie medewerkers waarvan uit onderzoek is gebleken dat er sprake was van ontspoorde zorg kregen op advies van Pentascope door het management een coachingstraject aangeboden. Eén van de medewerkers werd naar een andere locatie van de Stichting Zorgcontact overgeplaatst; een andere nam zelf ontslag.
|